vrijdag 24 februari 2012

Impressie Perth

Al tijden geleden, maar jullie hebben nog steeds een impressie van Perth tegoed. Paul was er afgelopen jaar twee lange perioden en in de herfst ben ik een weekje geweest. Was meteen om contacten te leggen in het vak en voorwerk te doen voor de aanvraag van mijn AILA-lidmaatschap (Australische bond van landschapsarchitecten), maar daarover meer in een volgende blog.

Perth vond ik een veel levendigere stad dan Brisbane. In essentie: je ziet er meer mensen op straat. En niet alleen in het centrum, maar ook in wijken er omheen. En niet alleen overdag, maar ook 's nachts. En niet alleen een centrum van winkels, maar ook een meer alternatieve buurt, met een ander soort sfeer. Niet op kilometers afstand, maar (bijna) aansluitend, aan de andere kant van het spoor. En met pleintjes en parkjes waar activiteiten georganiseerd worden, zodat mensen er blijven hangen.

Ik heb het idee dat een belangrijke factor in dat verschil zit in de gebouwen. Waar Brisbane alleen bestaat uit hoogbouw in het centrum en laagbouw in de rest, hoofdzakelijk vrij staande woningen, heb je in Perth ook de tussenschaal: gebouwen van 3 of 4 lagen, aan elkaar gebouwd. Stedelijke wanden, met dichtheden waarin de voorzieningen loopbaar worden en je niet voor alles de auto nodig hebt. En dat geeft mensen op straat. Zeker als die 3 tot 4 lagen bebouwing ook nog eens winkels, cafés, ateliers, werkplaatsen, etc. op de begane grond hebben. Deze 'tussen-dichtheid' ontbreekt zo goed als in Brisbane, en ook aan de Sunshine Coast.

Die levendigheid zit ook in de gebouwen: er staat oud en nieuw, door elkaar. Dat geeft ook een gevoel van levendigheid. Niet alles is van één tijd. Een verademing, het maakt de stad minder steriel. Grappig eigenlijk om dat zo naast elkaar te ervaren, levendigheid door mensen en levendigheid door gebouwen. In Europa is het zo gewoon dat het er allebei is, dat je het onderscheid nauwelijks waarneemt.
Wat heel belangrijk is in dat verschil is dat er gebouwen zijn die er tussenin zitten. Eindelijk zag ik gebouwen die een beetje verslonst waren, graffiti, gebouwen die door mensen in bezit worden genomen die niet zoveel geld hebben, mensen die gebouwen levendig maken. Dat betekent dat er dynamiek mag zijn, dat niet alles netjes en aangeharkt hoeft te zijn, dat er ruimte is voor experimenten, voor de zelfkant, voor eigen initiatief van werkende handen en niet alleen van het geld. Denk dat dát de echte verademing was.
En dan is er ook aandacht voor hergebruik van gebouwen als geld wel de initiatiefnemer is. Tja, met aardig wat 'luie' architectuur, simplistische oplossingen. Maar ja, er is in ieder geval een begin.

Ook in Perth zie je het wel mis gaan. Soms gaat de transformatie te snel en lijkt een hele straat binnen een paar jaar gesloopt en vervangen te worden.

Maar dat is niet het enige. Er lijkt in Perth ook meer aandacht voor de functies op de begane grond, de invulling van de plint. Zelfs bij hoogbouw. In veel andere steden zie je vaak dat de hoogbouw op straatniveau een groot oppervlak beslaat, maar alleen één voordeur heeft, naar een grote lobby. De rest zijn dichte, doodse wanden, zonder interactie met straat. In Perth zag ik veel hoogbouw met een plint van winkeltjes, cafés, etc. En daartussen ook de lobby.
Het gaat natuurlijk niet altijd goed, en alleen een goede plint-invulling is niet het enige. Ze moeten nog wel leren om bomen in de straat te planten. En de positie van de auto moet nodig eens opnieuw bekeken worden.

Rondlopend als voetganger viel me op dat ik bij letterlijk elk stoplicht moest wachten. Als voetganger had ik nooit een groene golf. Dus maar eens gaan opletten wat er nu eigenlijk aan de hand was. En wat bleek? Auto's krijgen automatisch groen, maar als voetganger moet je bij het stoplicht op het knopje drukken om groen te krijgen. Dus dat betekent achteraan sluiten in de rij en een volle cirkel wachten. Da's een, maar niet alles. Vervolgens krijg je dan als voetganger 10 seconden groen. Daarna gaat het rood licht knipperen, ook slechts 10 seconde. Als er dan een voetganger aan komt weet ie niet hoe lang het nog 'oranje' is en moet dus een volle ronde wachten.
Bij dit kruispunt in het centrum heb ik het echt staan timen en tellen. Het gemiddelde van een half uur tellen. Tien seconde groen voor 180 voetgangers. Vervolgens 66 sec. groen voor 25 auto's met elk 1 inzittende en 1 halfvolle stadsbus, samen zo'n 50 mensen. Dus mensen te voet krijgen 0,05 sec./per persoon en mensen op wielen krijgen 1,32 sec./pp. Automobilisten worden 26x bevoordeeld over voetgangers, en dat in het centrum, op het eind van de hoofdwinkelstraat van de stad!!!

Wat ik ook prachtig vond in Perth, en elders in Australie nog niet gezien heb, was de campus van de UWA (University of Western Australia): identiteit door een eigen kleur van de gebouwen. Gebaseerd op de locale steen, waarin de oude gebouwen zijn gebouwd. Doorgezet in de nieuwe gebouwen. Gaf een prachtig geheel, een voor Australië ongekende samenhang. Deze universiteit is waar Paul zijn repetities had en waar de voorstellingen waren.

Tussen het centrum en deze campus ligt Kings park, een groot park met botanische tuin, prachtige uitzichten over de stad (panorama van het begin heb ik daar gemaakt) en de canapé-walk (foto links). Grootste deel van het park is wild, met een aantal grote wegen er doorheen. De bomen langs een van die wegen hebben allemaal bordjes, niet met de soort-naam, maar met de naam van een gevallen soldaat. Vond ik een hele mooie vorm van herinneren.

Nog iets wat me opviel: 'urban farming'. Groente verbouwen in de stad. Wordt in Nederland langzaamaan meer o ver gesproken. Maar hier in Australië zie je het echt gebeuren. In een park in het centrum, met vrijwilligers die mensen stimuleren om groente en kruiden te plukken en mee te nemen. Langs een doorgaande weg waar iemand een stukje berm heeft omgevormd tot moestuin. (Weliswaar zonder toestemming van de gemeente vertelde hij.) Mijn laatste column voor Architectuur Lokaal ging er ook over. (Die is inmiddels gepubliceerd. Hieronder staat de link.)
Column4_Architectuur Lokaal nr81_Thought for food

En dan zijn er ook nog andere centra die levendig zijn en historisch gelaagd. Hier Fremantle, aan de kust. Met rechts de brouwerij van Little Creature, een lokaal biermerk. Ze hebben van de brouwerij eveneens een grand-café gemaakt. Die werkt prachtig als stapsteen om vanuit het centrum via het park langs de brouwerij naar de vissershaven te lopen.

En dan tenslotte nog levendigheid 's avonds. Het centrum van Perth heeft heel wat speciale verlichting. Gebouwen en bomen met speciale aanlichting. Kleurige pleintjes. En veel is bewegend. Projecties en kleuren veranderen. Teksten lopen over gebouwen. Weer iets om mensen te trekken. En het werkt, het centrum leeft ook 's avonds. En omdat ik niet weet hoe ik een filmpje hier op de blog moet zetten, als laatste de volgende reeks (slechts een deel van de sequentie). Een straat waarbij aanlichting van de bomen steeds van kleur verandert, eerst monochroom en daarna afwisselend. Beetje zuurstokken-effect, niet erg geraffineerd. Maar in ieder geval durven ze en wordt er wat gedaan.

Overigens, Paul en ik vonden Perth allebei een verademing vergeleken met Brisbane, maar we gaan er zeker niet voor verhuizen.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten